AFLEVERING 11 – De biggenzorg

Het verplaatsen van de biggen

Na de eerste week kun je al goed zien dat sommige tomen biggen te groot zijn voor de zeug. Een zeug kan gemiddeld 12 biggen zogen, natuurlijk zijn er uitzonderingen met 14 en zelfs 15 biggen. Echter de zeug heeft maar 14 spenen. Wat krijg je dan te zien in de toom dat de biggen die zich sterk voelen gaan domineren en gaan bijten in de neus van een ander. Andere kenmerken zijn dat de kleine zwakkere biggen achterblijven in de groei doordat ze te weinig melk krijgen. Dit is voor ons een reden om de biggen te verplaatsen.

De pleegzeug

Je kunt een andere zeug als pleegzeug maken die kleinere tomen hebben of je kan de grotere biggen weghalen en plaatsen in een aparte hok met extra lampen voor de warmte, die wij zelf gaan bijvoeren. Dit is een precies werkje. De biggen moeten eerst wennen aan de melkbak soms moet je enkele even met de neus laten ruiken. Ook al zet je genoeg melkbakken de biggen springen altijd op de eerste bak. Met veel gekrijs en geklim. Pas later zien de biggen de andere melkbak. Je bouwt dit langzaam op van melk naar melk pap melk gemengd met een beetje babybiggenkorrel). Als de biggen dit goed drinken ga je naar de volgende stap en maken wij brij een dikkere pap met alleen babybiggenkorrel. Ook als dit goed gegeten wordt krijgen de biggen tussendoor de droge babybiggenkorrel. Meestal vanaf de derde week zitten de biggen helemaal op het droog voer.